Hulp en vragen

WAT BETEKENEN DE NIVEAUS DIE CLL HANTEERT?

CLL houdt zich aan de niveaus van het Gemeenschappelijk Europees Referentiekader (in het Engels afgekort tot CEFR), de internationale norm in het taalonderwijs. Elk niveau wordt gedefinieerd op basis van goed afgelijnde basisvaardigheden in de doeltaal: je mening geven over een actueel onderwerp, informele uitdrukkingen begrijpen en gebruiken…

A1: Doorbraak

U ontdekt de klanken en andere aspecten van de taal en leert een paar eenvoudige zinnen. Op niveau A1 kunt u over zichzelf en over uw directe omgeving praten.

A2: Tussenstap

Beeld u in dat u ergens in een land gedropt wordt. Hebt u dit niveau bereikt, dan kunt u probleemloos overleven! Eten, slapen, u verplaatsen en zelfs een paar eenvoudige gesprekken met moedertaalsprekers: het kan allemaal. Op het einde van dit niveau kunt u uw omgeving beschrijven in het verleden, het heden en de toekomst.

B1: Drempel

Als u dit niveau bereikt hebt, bent u de drempel over. U kunt dan gesprekken volgen en uw mening uiten. Zo kunt u bijvoorbeeld de hoofdlijnen van een discussie over concrete thema’s volgen en een gesprek of discussie verderzetten.

B2: Uitzicht

Het is zover! Na al die moeite voelt u zich eindelijk op uw gemak met de taal. U begrijpt alle gesprekken, u kunt deelnemen aan conferenties en werkvergaderingen en zelf het woord nemen. Praten met een moedertaalspreker gaat vlot, natuurlijk en efficiënt. Beide partijen kunnen een gesprek voeren zonder extra hordes te hoeven nemen.

C1 / C2: Autonomie en beheersing

U beheerst de taal tot in de puntjes. Zelfs subtiele verschillen en registers ontgaan u niet. U kunt nu bijvoorbeeld een vergadering leiden, uw ideeën helder uitdrukken, lastige teksten begrijpen en stijlverschillen appreciëren, een duidelijke, goed gestructureerde toespraak houden zonder te aarzelen… U kunt literatuur lezen – en daar plezier uit halen!

Was dit artikel nuttig?